Finspan (999 Games) – Ontwerper: David Gordon, Michael O’Connell – Illustraties: Ana Maria Martines Jaramilio, Mesa Schumacher  – Spelers: 1 – 5 – Speeltijd: 45 – 60 minuten – Leeftijd: 10+ – Nederlands: ja

Als een spel over vogels een van de grootste succestitels van de laatste jaren kan worden, dan zijn er vast meer mogelijkheden, toch? Dan kan je vast ook wel iets met vissen doen. En zo heb je nu Finspan. Maar de overeenkomsten met de vogelbroer zijn misschien minder groot dan je zou denken.

Doel: Plaats vissen in je de oceaan om punten te halen en doelen te vervullen.

Mechanismen: Hand management

Werkwijze: Elke speler krijgt een deel van een oceaan voor zich, met wat vissen. Daar krijgt de speler mogelijkheid om vissen in te plaatsen. Die kunnen in drie zones: aan de oppervlakte, iets dieper en nóg veel dieper. Want niet elke vis leeft in hetzelfde gebied, nietwaar?

Vissen kan je plaatsen, maar dat kost wel grondstoffen. Dat kunnen kaarten zijn, eitjes, kleine visjes of vissen die eerder geplaatst zijn (in het geval van roofvissen). Een groot deel van de vissen levert vervolgens weer wat op.

Een andere optie is om een van je acties te gebruiken om te duiken. Je gaat dan één kolom af en activeert bepaalde delen van de zee of vissen die een activatiebonus hebben. Op die manier kom je aan eitjes, kleine visjes en zelfs scholen.

Elke ronde heb je zes beurten. Daarna worden punten verdeeld voor een bepaald doel (aantal visjes/eieren, bepaalde soorten vissen, enzovoort) en zo worden er vier ronden afgewerkt.

Componenten: De artwork op de kaarten is weer geweldig. De borden zijn prima (ik kwam er overigens pas na 5 potjes achter dat de achterkanten van de vijf borden samen een wereldkaart vormen) en het kaartenbakje, zoals we die ook uit Wingspan kennen is weer prima.

Interactie: Die is niet bijzonder groot. Grotendeels is iedereen bezig met zijn eigen visjes. Sommige vissen die geplaatst of geactiveerd worden, leveren ‘alle spelers’ wat op, maar dat is slecht een mooie bijkomstigheid voor de andere spelers en heeft niet extreem veel invloed op het spel. Maar verder is de enige interactie dat je bij de puntentelling kijkt ‘hoe heb jij het eigenlijk gedaan?’.

Oordeel: Laten we eerst Finspan eens vergelijken met Wingspan. Er wordt gezegd dat Finspan iets simpeler is en dat lijkt wel te kloppen. Het plaatsen van de dieren is een stuk simpeler, want je bent niet afhankelijk van bepaalde soorten voedsel.

En hetgene dat je nodig hebt kun je, zeker als je een beetje slim speelt, best makkelijk verkrijgen. Mocht je daar vast komen te zitten (ik heb geen eieren, te weinig kaarten) dan is dat vaak het gevolg van zelf onhandig handelen.

Maar simpeler betekent in dit geval niet minder diepgang. Er zijn met de meeste vissen hele interessante combinaties mogelijk.

In het spel heb je plek voor 18 vissen. En als je het een beetje slim speelt kom je daar ook redelijk in de buurt.

De verschillende ronden met diverse doelen (=hogere variatie) betekent ook dat bepaalde combinaties die je op je bord kunt uitvoeren, de ene ronde fantastisch en lucratief zijn en op het andere moment weer vrij nutteloos.

Al met al zit Finspan vrij vernuftig maar ook vrij elegant in elkaar. Het biedt de mogelijkheid om ook al voor vrij jonge kinderen om het spel mee te doen (Zo vraagt mijn 8-jarige zoon, die gek is op roggen, elke dag minimaal twee keer of we Finspan kunnen spelen). Zelfs met vier spelers duurt het spel niet meer dan vijf kwartier en met twee ervaren spelers iets meer dan een half uur.

En Stonemaier Games, de originele uitgever van Finspan heeft in ieder geval al aangekondigd dat er een uitbreiding gaat komen voor Finspan. En ik ken een 8-jarige die daar in ieder geval heel blij mee zal zijn.

Door Dave