Stone Layer (Henmar Games) – Ontwerper: Ellis Hendriksen, Dennis Merkx – Illustraties: Joonas Tupala – Spelers: 2 – 4 – Speeltijd: 25 – 30 minuten – Leeftijd: 10+ – Nederlands: ja

Het is een typisch Scandinvisch dingetje. Dat mensen, vaak toeristen, stenen op elkaar plaatsen als kleine torentjes. Dat ziet er bijzonder uit, maar niet elke steen kan je zomaar op de andere plaatsen.

Doel: Scoor punten door stenen toe te voegen aan torens op een van de zes plekken langs de rivier. Zodra er een toren om gaat, worden de punten verdeeld onder de mensen die bijgedragen hebben aan de toren.

Mechanismen: Acties kiezen, Stapelen en balanceren

Werkwijze: Op het centrale bord loopt een rivier met zes locaties. Daar kunnen stenen geplaatst worden.

Een speler kiest uit een tegel (uit een reeks van vijf). Daarop staat onder meer welke stenen geplaatst mogen worden. Die komen namelijk in drie verschillende soorten omvang: de grote oranje stenen, de middelgrote blauwe stenen en de kleine groene stenen. En logischerwijs is het wat lastiger om een grote steen op een middelgrote steen te plaatsen (maar het is niet onmogelijk).

Naast de soort steen staat er ook een cijfer op de tegel. Die geeft aan bij welke plaats de volgende steen neergelegd moet worden.

Zodra een steen is neergelegd (met strikte regels) mag de actieve speler er een token in zijn of haar kleur bij leggen. Dat geeft aan dat ze bij die toren een bijdrage hebben geleverd. En zodra de toren hoger wordt, zoals vier, vijf of meer stenen, mag de actieve speler extra tokens achterlaten.

Maar het gaat natuurlijk om de gevallen waarbij de torens níet blijven staan. Alle spelers, met uitzondering van degene die de toren heeft omgegooid, krijgen dan hun tokens terug en draaien die om zodat de puntzijde bovenop komt te liggen. Als iemand tien punten heeft gehaald, heeft die het spel gewonnen.

Componenten: Centraal in het spel staan de stenen. Die zijn volgens de Nederlandse ontwerpers Ellis Hendriksen en Dennis Merkx verzameld door de Finse uitgever, omgezet tot ‘steentjes’ van plastic. Alle stenen zijn dan ook uniek.

Mede door de felle kleuren van de oranje en groene stenen valt het spel op, als het op tafel ligt. En dat wordt nog eens versterkt als de torens hoger en hoger worden.

De stenen werken goed, want geen enkele steen is volledig plat, maar er zitten er wel bij die net wat makkelijker te stapelen zijn dan anderen. Dus je kan ook een beetje speuren naar de tegel die misschien op dat moment het beste uitkomt.

Interactie: Er zit meer interactie in het spel dan je aanvankelijk zou denken. Zo zijn er de tegels die je kunt kiezen, die bepalen waar de persoon na je moet gaan stapelen. Op die manier kan je een ander dwingen een steen te leggen op een toren die al heel hoog is of om een steen te leggen die erg onhandig is op die plek (een grote steen op een kleinere bijvoorbeeld). Op die manier kan je elkaar een beetje dwarszitten.

Oordeel: Ik moet het toegeven: Stone Layers is een spel met een gimmick. Maar als je eenmaal aan het spelen bent, blijkt dat er toch meer schuil gaat achter het ‘stapel de stenen op elkaar en zorg dat je de stapel niet omdondert’.

Vooral het aspect dat je anderen hele lastige klussen in de maag kan splitsen blijkt pas halverwege het eerste spel. Jij dwingt iemand om een zesde steen op een toren te plaatsen en iedereen lacht hard, omdat het een bijna onmogelijke opdracht is. Maar het lachen vergaat als de ander er toch in slaagt een steen te plaatsen die blijft liggen.

Het spel heeft van dit soort momenten, waardoor het een soort partyspel-achtig gevoel meegeeft.

Het spel heeft natuurlijk nog steeds meer de nadruk liggen op de fysieke aspecten, maar het is dus niet helemaal tactiekloos. Het zorgde ervoor dat ik eigenlijk best wel heel vermakelijke momenten heb gehad met Stone Layer. Het spel is goed speelbaar met kinderen vanaf een jaar of 8 en de tactische elementen komen net iets beter tot zijn recht met een hoger spelersaantal.

Voor de mensen die eens iets anders willen is Stone Layer een hele aardige titel:

Door Dave